Patrick Politiek

Drie klassieke gedachten over democratie

Posted in landelijke politiek by patrickpolitiek on juli 13, 2016

‘Werken aan nieuwe democratie’ – met dat motto is de afgelopen maanden binnen GroenLinks een partijbrede discussie gevoerd over de vraag: zeggenschap, hoe doe je dat? Bij gesprekken over democratie en zeggenschap grijp ik graag terug op de klassieken: het hele begrip democratie is immers van klassieke origine. Voor wie denkt dat wij in een democratie leven breng ik dan om te beginnen graag de omschrijving van Aristoteles* onder de aandacht: dat men om de beurt wordt geregeerd en zelf regeert…
Het meest bekende onderdeel van de klassieke Griekse democratie is – althans sinds het pleidooi van David Van Reybrouck Tegen verkiezingen – het principe van loting als uiting van de fundamentele gelijkwaardigheid van alle deelnemers aan de samenleving. Ik geef de lezer hier graag drie minder bekende klassieke gedachten mee.

Cyclus van staatsvormen
Een pessimistisch stemmende gedachte is dat er een wetmatige pervertering plaatsvindt van de ‘zuivere’ staatsvormen. De alleenheerser wordt op den duur tyranniek, de elite regentesk en de brave burgers ontaarden in een verwende massa die als ze haar zin niet krijgt agressief wordt. Het eind van het liedje is dat de roep om een sterke leider klinkt, die eerst inderdaad orde op zaken stelt maar zich allengs ontpopt tot een alleenheerser, terug bij af:

cyclus staatsvormen

We zouden hieruit het gevaar kunnen destilleren van “te veel democratie”. Het risico dat onkunde, willekeur en volksmennerij leiden tot onevenwichtig of wispelturig beleid is nuttig om in het achterhoofd te houden bijvoorbeeld bij discussies over de wenselijkheid van referenda en gekozen ministers-president of burgemeesters.

Het ideaal van de gemengde constitutie
Romeinse denkers vonden dat hun republiek een uitgebalanceerd geheel vormde waarin de invloed van de burgers, de deskundigheid van de elite en de beslissende daadkracht van politieke leiders verzekerd waren. Onze ‘diplomademocratie’ heeft ook wel sterke trekken van zo’n gemengde constitutie:

gemengde staatsvorm

Een les voor onze tijd zou kunnen zijn dat we vooral moeten denken in termen van verrijking van het democratische arsenaal met een scherp oog voor evenwicht van de verschillende invloeden. Dus als er een rechtstreeks gekozen burgemeester komt, dan ook een (digitaal) ‘schervengericht’ waarmee een te eigengereide politicus kan worden weggestemd. Het is dus ook niet óf een doe-democratie óf een vertegenwoordigende democratie: het gaat om de verhouding tussen meer directe zeggenschap en deliberatieve democratie enerzijds en de representatieve democratie zoals die zich in de moderne tijd heeft ontwikkeld anderzijds.

Volkstribuun
In het verlengde daarvan noem ik als derde gedachte de figuur van de volkstribuun. In zeker zin vervult onze ombudsman de rol van een volkstribuun: het opkomen voor de belangen van een (on(der)vertegenwoordigde) minderheid of zelfs eenling. Onlangs opperde DWARS het idee van een ombudsteam voor toekomstige generaties, om te garanderen dat hun belang meeweegt bij het vaststellen van het beleid van nu. Misschien zou zo’n figuur net als in de oudheid moeten worden bekleed met een unieke doorzettingsmacht (vetorecht, interventierecht). Maar ook voor de huidige niet-gehoorde burgers kan zo’n ‘volkstribuun’ nuttig zijn, om bij te dragen aan een goed functionerend samenspel tussen overheidsbestuur en zelfbestuur door burgers.

*Arist. Pol. verkorte weergave 1317b1

 

Advertenties

Deltaplan voor de democratie

Posted in gemeenteraad Zwolle by patrickpolitiek on maart 17, 2014

De gemeente krijgt vanaf volgend jaar een grotere rol in het leven van haar inwoners dan ze ooit heeft gehad. In onze ogen is het daarom van doorslaggevend belang dat de inwoners vanaf het begin invloed kunnen uitoefenen op het beleid. Wij* roepen de nieuwe gemeenteraad van Zwolle dan ook op tot een trendbreuk: schrijf het nieuwe collegeprogramma MET de inwoners van de stad!

In Amersfoort gaan drie dagen na de verkiezingen duizend burgers met elkaar in gesprek om een agenda voor de komende vier jaar op te stellen. Elders pakt men het kleinschaliger aan en wil men een bevolkingspanel mee laten beslissen over belangrijke vraagstukken. Of vóór de formatie van het nieuwe college afspreken welke kwesties in samenspraak met partners in de lokale samenleving worden aangepakt.[1]

Als kandidaat raadsleden voor GroenLinks Zwolle nemen wij het initiatief om ook in onze stad een betekenisvolle stap te zetten om de democratie nieuwe vorm en inhoud te geven. Zonder zeggen­schap is de participatiesamenleving gedoemd te mislukken: de burger doet dan wel mee, maar de overheid niet. Laten we daarom de democratie versterken en burgers systematisch betrekken bij het bestuur van de stad. Te beginnen direct na de verkiezingen van 19 maart!

Doen wat we kunnen
Minder dan de helft van de kiesgerechtigden in Nederland zou op 19 maart naar de stembus gaan[2]. Uiteraard doen we er in Zwolle alles aan om het niet zover te laten komen. Maar een opkomst van rond de 50% betekent dat zelfs een unaniem besluit in de gemeenteraad eigenlijk niet of nauwelijks berust op een meerderheid van stemmen. Dat is desastreus voor de lokale democratie. Eind vorig jaar waarschuwde Kim Putters, directeur van het Sociaal Cultureel Planbureau, dat de afstand tussen burger en gemeente net zo groot dreigt te worden als die tussen de burger en Europa. Het is volgens ons daarom tijd voor een Deltaplan om de lokale democratie te redden.

De tijd dat mensen eenmaal in de vier jaar hun stem uitbrachten en er dan verder wel op vertrouw­den dat het goed kwam, is voorbij. Anno 2014 behoeft ons systeem van volksvertegenwoor­diging een aanvulling. Hoe de democratie democratischer kan worden  gemaakt, daar zijn al boekenkasten over vol geschreven en heel veel Mb’s over online gezet. Wij stellen voor dat we niet wachten tot wetten worden aangepast, maar dat we gewoon doen wat we kunnen. De voorbeelden elders in het land laten zien dat het kan. Het is een kwestie van willen.

Aanzetten
Gemeenten hebben straks een rol in het leven van hun inwoners, die groter is dan ooit. Met name in de (jeugd)zorg en ondersteuning naar betaald of beschut werk, worden de besluiten vanaf 2015 lokaal genomen. Laat de inwoners van onze gemeente meebeslissen over de totstandkoming van plannen die hen direct raken. Laat hen bijvoorbeeld meeschrijven aan het collegeprogramma.

GroenLinks Zwolle heeft de afgelopen tijd een paar aanzetten gegeven, beperkt van aard en schaal, maar ze zijn dan ook bedoeld om de discussie aan te wakkeren, niet om de vorm vast te leggen.
Zo pleiten we ervoor met cliënten die straks voor hun zorg van de gemeente afhankelijk zijn, een akkoord te sluiten. In dit akkoord leggen cliënten vast wat zij belangrijk vinden en onderschrijft de gemeente die prioriteiten. In de aanloop hebben we gesprekken met cliënten en mantelzorgers gevoerd en een eerste aanzet tot zo’n sociaal cliëntenakkoord op papier gezet.
Ook hebben we een referendum voorgesteld over de inmiddels zwaar gedateerde bouwplannen voor  het buitengebied, een knoop die het gemeentebestuur jaar na jaar niet heeft willen doorhakken.[3]
Op de derde plaats pleiten we al sinds jaar en dag voor structurele wijkbudgetten en de bijbehorende wijkdemocratie. En we willen graag experimenteren met online wijkplatforms om die wijkdemocratie te ondersteunen en een rechtstreekse verbinding te leggen tussen wijkbewoners en ‘hun’ volks­ver­tegen­woordigers in de gemeenteraad. De Amerikaanse hoogleraar Jim Diers[4] schetst daarbij een wenkend perspectief: wijken en buurten die aan kunnen tonen brede lagen uit de bevolking te betrekken krijgen meer verantwoordelijkheden. Zo betrekt hij ook mensen met een verstandelijke beperking, jongeren en allochtonen in de wijken, groepen die je normaal gesproken niet of nauwelijks ziet op gemeentelijke inspraakbijeenkomsten.
In een blog hebben wij wel eens geopperd dat we de klassieke democratische methode van loting zouden kunnen inzetten bij het samenstellen van klankbordgroepen.[5] Misschien is het ook een goed idee voor de wijkdialogen en wie weet voor een heuse stadsdialoog.[6]

Oproep
Nogmaals: het zijn niet meer dan aanzetten om het gesprek mee te openen. De voorbeelden elders in het land laten zien dat er nog veel meer mogelijk is. Een deltaplan maakt een partij niet in haar eentje, dat maken we samen. Laten we onze denkkracht bundelen en de democratie ophogen met nieuwe lagen van zeggenschap, waarmee we mensen weer echt betrekken bij het bestuur van de stad! In een stad boven de ‘democratische zeespiegel’ heb je geen dijk nodig tegen een dreigende overstroming van gevoelens van onvrede en machteloosheid.

*Dit artikel heb ik als lijsttrekker van GroenLinks Zwolle samen met kandidaat-raadslid Remko de Paus geschreven


[1] De zogeheten G1000 Amersfoort is een bijeenkomst van 1000 burgers van Amersfoort op 22 maart 2014: http://www.g1000amersfoort.nl/.
In de gemeente Oude IJsselstreek is de motie besturingsaanpak aangenomen.
De burgemeester van Noordwijk heeft voorafgaand aan de verkiezingen het idee gelanceerd om een bevolkingspanel mee te laten beslissen over belangrijke vraagstukken.
Deze en meer voorbeelden zijn te vinden op http://decaleidoscoop.org/
Zie ook de ideeën van de Gemeenteraad van de Toekomst, zoals verwoord in een Brief aan de Koning.

[2] TNS Nipo voorspelt dat het opkomstpercentage onder de helft zal uitkomen (landelijk gemiddelde).
In 2010 was de opkomst in Zwolle overigens ook maar net boven de helft: 54,1%.

[3] Inmiddels is uit de stemwijzer De Stem Van Zwolle duidelijk geworden, dat de een ruime meerderheid van de partijen die aan de verkiezingen deelnemen wil afzien van woningbouw in het buitengebied.

[4] Neighbor Power, building community the Seattle way – Jim Diers

[5] Loten en klankborden, uit mei 2010

[6] David van Reybrouck bepleit in zijn pamflet ‘Tegen verkiezingen’ zelfs een volledig uitgewerkt systeem van loting voor het bestuur van het land. Zie ook zijn stukken in De Correspondent: https://decorrespondent.nl/davidvanreybrouck

Het volk bestaat wel

Posted in landelijke politiek by patrickpolitiek on september 14, 2011

‘Het volk bestaat niet’ – onder die titel geeft Dick Pels zijn analyse van het fenomeen populisme en zet hij zijn oplossing voor het probleem uiteen: vernieuwing van de demokratie. Hoewel ik zijn analyse van de kwaal wel overtuigend vind, kan ik hem wat zijn optimistische recept betreft alleen maar helpen hopen. In de klassieke oudheid hebben denkers ervoor gewaarschuwd dat demokratie de neiging heeft uit te lopen op een dictatuur. Ik ben bang dat we tegenwoordig de eerste symptomen meemaken van een nieuwe roep om een ‘sterke man’.

Nationalisme als uitlaatklep van frustratie
Maar eerst maar eens de analyse van Pels. Die bevat vele rake observaties en denklijnen. Zo wijst hij terecht op de kloof tussen winnaars en verliezers in ‘een samenleving waarin ieder voor zich moet concurreren, presteren en slagen.’ De verliezers zitten met een enorme frustratie en een laag zelfrespect. Nationalisme is een ‘eenvoudige manier om dit gevoel van vernedering om te zetten in trots’, omdat het immers niet afhankelijk is van iemands eigen prestaties. We hebben dus te maken met een ‘bijproduct van de diploma-demokratie’ (term van Mark Bovens). Een blijvertje, als dat waar is, en geen verschijnsel dat vanzelf wel overwaait.

Het volk bestaat niet
Een andere vaststelling waar Pels groot gelijk mee heeft is dat de zogenoemde volkswil door de ‘handige marketinginspanning’ van de populisten wordt gecreëerd en vormgegeven. Door het onbehagen – dat er wel degelijk is, overigens – te benoemen en uit te vergroten en te exploiteren voor zijn eigen politieke doeleinden, produceert de populist uit bepaalde geluiden en opvattingen een wil van ‘het volk’. ‘Het volk van de populisten bestaat dus niet zonder de populisten zelf.’ In die zin klopt de titel van Pels’ boek volkomen. Het volk bestaat alleen omdat een zelfbenoemde woordvoerder zegt dat het er is.

Wisselwerkingdemokratie
Ik zal hier niet het hele boek parafraseren, al is de verleiding groot. (Hieronder geef ik een paar hyperlinks naar recensies voor wie meer wil weten alvorens het boek zelf te gaan lezen. Maar dat moet je gewoon doen eigenlijk. Laat je niet afschrikken door Vullings lelijke woorden aan het begin van zijn recensie. Je wordt er vast wijzer van. Of het zet je althans aan het denken.)
De kern van Pels’ betoog begint bij een sublieme observatie van Machiavelli: je moet een vorst zijn om de aard van het volk helemaal te begrijpen en je moet een gewoon burger zijn om de natuur van vorsten volledig te snappen. Of, abstracter gezegd: alle politiek is standpuntgebonden. Daarom is er wisselwerking nodig in de politiek en daarom is er ook een wisselwerkingdemokratie nodig. Het volk heeft een politieke elite nodig om de boel te leiden. En die politieke elite heeft de correctie van het populisme nodig om binding te houden met het volk en om te voorkomen dat ‘zij verandert in een regentesk establishment’. Kort door de bocht samengevat is dit het argument waarmee Pels zijn oplossing onderbouwt: meer directe invloed van ‘het volk’ als correctie op de politieke elite die anders te veel zijn eigen gang gaat.
(Tussen twee haakjes: het volk bestaat dus – ook in het denken van Pels, al noemt hij het niet zo – wel als ‘gewone burgers die niet tot de politieke elite behoren’.)

Media en personen
ik hoef er waarschijnlijk niet zo veel woorden als Pels gebruikt aan te wijden, om duidelijk te maken dat een voldoende wisselwerking in de demokratie des te noodzakelijker is in het mediatijdperk en – daarmee samenhangend – een personendemokratie. Net als populisten een volk creëren dat er in werkelijkheid niet in die vorm is (niet iedereen vindt precies hetzelfde als de denkbeeldige Henk & Ingrid), zo scheppen de media een schijnrealiteit, terwijl ze suggereren ‘alleen maar’ te registreren (maar zonder de vraag van de journalist zou de politicus – denk aan Pim Fortuin – zijn uitspraak nooit hebben gedaan).

Utopie
Pels is dus in feite optimistisch over de rol van het populisme in de samenleving. Hij ziet kans ‘de rauwheid van de tegenstem’ te benutten ten gunste van een beter functionerende demokratie. Aldus schildert hij een ‘voldragen wisselwerkingdemokratie’ waarin een zelfbewuste elite met een vrijzinnige houding die zichzelf durft te relativeren, populisten tegenover zich vindt die een ‘anarchistisch en anti-establishment sentiment’ uitdragen en waarin een anti-elitair ‘nee’ in een referendum een legitieme plaats heeft in het politieke bestel.

Het is te mooi om waar te zijn. Hier bedenkt de socioloog een utopie. Ik wou dat het waar was.

Misschien ben ik te pessimistisch, maar ik moet steeds denken aan de theorie van de cyclus van regeringsvormen die in de klassieke oudheid is geconstrueerd en waarin de demokratie uiteindelijk uitmondt in een dictatuur. De geschiedschrijver Polybius (tweede eeuw voor onze jaartelling) muntte er de term anakyklosis voor, lastig te vertalen, maar het is iets als een ‘regressieve kringloop’, een ‘negatieve spiraal’ of (te) simpel gezegd ‘terug naar af’. In het kort komt het idee hierop neer dat elke ideaaltypische staatsvorm, de monarchie, de aristokratie en de demokratie, uiteindelijk altijd zal ontaarden in een negatieve variant ervan. De alleenheerser wordt op den duur tyranniek, de elite regentesk en de brave burgers ontaarden in een verwende massa die als ze haar zin niet krijgt agressief wordt. Het eind van het liedje is dat er een leider opstaat die het volk in goede banen leidt en zich allengs ontpopt tot een alleenheerser, terug bij af.
We vinden dit idee in rudimentaire vorm ook bij Herodotos (vijfde eeuw voor onze jaartelling) waar een discussie over de beste regeringsvorm wordt afgerond met de conclusie dat de monarchie de andere vormen overtreft. Een argument daarvoor is dat in een demokratie om de criminaliteit die nu eenmaal ontstaat te bestrijden, uiteindelijk ook een sterke man als enige oplossing wordt gezien.

Natuurwet?
Het is niet moeilijk om de parallellen te zien met de ontwikkelingen die leidden tot de komst van een Napoleon, een Hitler of recenter een Berlusconi en bij ons Geert Wilders. Maar zijn zulke ontwikkelingen onontkoombaar? Polybius spreekt van een ‘normale kringloop van constitutionele omwentelingen en de wijze waarop regeringsvormen nu eenmaal van nature veranderen en terugkeren tot hun oorspronkelijke stadium’.
Aristoteles (vierde eeuw voor onze jaartelling) daarentegen heeft meer oog voor specifieke omstandigheden van de ene of de andere staat. Het is in zijn ogen geen automatisme dat het ene regime ontaardt in het andere. Dat laat ruimte voor oplossingen zoals Dick Pels die bepleit.

Hoop
En zowel Polybius als in zijn kielzog Cicero (eerste eeuw voor onze jaartelling) ziet heil in een ‘gemengde constitutie’ waarin monarchale, aristokratische en demokratische elementen elkaar in balans houden. Hun bewijs is de Romeinse republiek. Onze parlementaire demokratie heeft daar veel van weg: een Koning, een elite in het parlement en verkiezingen waarin het volk zijn voorkeur uitspreekt. Dat aan deze constitutie het een en ander te verbeteren valt is duidelijk. Of de suggesties die Pels aandraagt het afglijden naar de dictatuur van de grote bek kunnen voorkomen, valt te bezien.

Deze zomer hebben Koen van Bremen, Albert jan Kruiter, Eelke Blokker en Harry Kruiter de website http://publiekewaarden.nl gelanceerd. Kruiter schreef al in 2009: ‘De crisis is niet economisch maar democratisch van aard.’ Ik kijk uit naar de resultaten die hun aanpak van het actie-onderzoek opbrengt. Dat levert vast stof op voor een volgende column.

 

Bronnen:

Dick Pels, Het volk bestaat niet. De Bezige Bij, ISBN 9789023453918. http://www.debezigebij.nl/web/Boek-5/9789023453918_Het-volk-bestaat-niet.htm

Recensies van Het volk bestaat niet:
• Vrij Nederland (Jeroen Vullings): http://www.vn.nl/boeken/non-fictie/het-volk-bestaat-niet-leiderschap-en-populisme-in-de-mediademocratie-dick-pels/
• de Volkskrant (Hans Wansink): http://www.volkskrant.nl/wca_item/boeken_detail/453/178086/Het-volk-bestaat-niet.html
• GroenLinks Magazine, mei 2011, pagina 20 (Simon Otjes): http://magazine.groenlinks.nl/node/67471.
Ook bereikbaar via het artikel ‘Vloeken in de linkse kerk: populisme nodig’: http://magazine.groenlinks.nl/personendemocratie

De cyclus der staatsvormen
ik ben grote dank verschuldigd aan mijn voormalige collega-docent klassieken Ludwich Verberne die mij geweldig heeft geholpen door de bronnen van het denken over staatsvormen in de oudheid op een rijtje te zetten, waar ik het anders had moeten doen met wat van mijn lectuur in de lang geleden tijd in mijn gebrekkige geheugen was blijven hangen. Van het gedegen overzicht dat hij mij stuurde noem ik voor de geïnteresseerde leek hier alleen:

• Herodotus, Historiën 3.80-83
• Aristoteles, Politiek, 3.6-8 en 5.8-9
• Polybius, Wereldgeschiedenis 6.3-6.9
• Cicero, De staat 1.14-70

Polybius’ tekst is in Engelse vertaling op internet te vinden via de klassieke bronnenverzameling Perseus. Er is een Nederlandse vertaling met de titel Wereldgeschiedenis 264-145 v.Chr., van de hand van Wolther Kassies, Amsterdam: Athenaeum-Polak & Van Gennep 2007

Voor meer informatie over de genoemde schrijvers en vertalingen van hun werk, zie Oudheid.nl onder Literatuur.

Directe demokratie

Posted in gemeenteraad Zwolle by patrickpolitiek on mei 16, 2010

Aan de hand van het laatste GroenLinks congres over het verkiezingsprogramma kun je mooi de voor- en nadelen van directe demokratie aflezen.

Om te beginnen is er de actieve betrokkenheid van de deelnemers. Allerlei werkgroepen binnen de partij, veel lokale afdelingen en een aantal individuele leden hebben samen honderden amendementen geformuleerd om het conceptprogramma in hun ogen op bepaalde punten te verbeteren. Een aantal van deze actievelingen heeft tijdens een zogeheten amendementenmarkt ook nog eens gesproken over het samenvoegen van op elkaar lijkende of elkaar overlappende wijzigingsvoorstellen. En honderden leden komen op een goede dag bij elkaar om te stemmen over veel van die voorstellen (alleen kleinere wijzigingen van meer redactionele aard worden zonder meer overgenomen).

Al deze activiteiten leiden bovendien tot aantoonbare verbeteringen in formuleringen, tot relevante aanvullingen en aanscherpingen van concrete programmapunten. Participatie leidt tot kwaliteitsverhoging. Hetzelfde fenomeen heb ik vorig jaar van dichtbij meegemaakt in onze eigen Zwolse programmacommissie, die door de actieve inbreng tijdens besprekingen en een amendementenmarkt de kwaliteit van het programma tot grote hoogte heeft weten te krijgen.

Maar er is ook een keerzijde. Heel veel leden waren niet aanwezig op het congres en hebben dus niet meegestemd. Zij waren ook niet vertegenwoordigd door bijvoorbeeld een afvaardiging van hun afdeling. Zij hebben totaal geen inbreng gehad. In verkiezingstermen: zo’n congres heeft een laag opkomstpercentage.

En dan het bekende referendumprobleem: je kunt alleen voor of tegen stemmen. Elk amendement apart: voor of tegen? Er is geen gelegenheid tot nuanceringen of afstemming op andere wijzigingen, in de loop van de tijd raakt de individuele stemmer het zicht op het geheel kwijt, consequenties van een wijziging kunnen niet meer worden doordacht. Als het eindresultaat een evenwichtig totaalplan is, is dat meer toeval dan wijsheid.

Ironie der ironieën: tijdens de schier eindeloze reeks referenda over alle programmapunten sneuvelde in een nek-aan-nek-stemming het referendumvoorstel. En dat terwijl de GroenLinksfractie in de Tweede Kamer het initiatief heeft genomen om een correctief en een raadgevend referendum mogelijk te maken: “Eens in de vier jaar stemmen is een te beperkte invulling van de democratische zeggenschap van burgers. Het referendum is een aanvulling op onze vertegenwoordigende democratie.” – zo luidt de argumentatie voor dit voorstel…

Mensen stemmen niet op basis van feiten en argumenten, maar laten zich leiden door waarden en emoties, aldus Jan Kuitenbrouwer in een interessant betoog in NRC’s Opinie en Debat over framing.

Rationeel ben ik erg vóór invoering van vormen van meer directe demokratie, maar mijn gevoel zegt na het laatste congres dat een referendum toch niet zo’n goed idee is.

Dan moet ik als volksvertegenwoordiger hard op zoek naar andere vormen om de demokratische zeggenschap van burgers te verrijken.