Patrick Politiek

Het volk vertegenwoordigen

Posted in gemeenteraad Zwolle by patrickpolitiek on juni 7, 2011

In Zwolle kennen we de zogeheten beginspraak. Dat suggereert meer dan het in werkelijkheid behelst (typisch politiek, zou iemand kwaadwillend kunnen opmerken). Ik ben er dan ook tamelijk skeptisch over. Niet dat ik iets tegen interactieve beleidsvorming heb, integendeel, maar je moet niet meer beloven dan je kunt waarmaken. Dat bezorgt de politiek maar een slechte naam (daar heb je het al). En hoe meer ik er over nadenk, hoe meer ik tot de overtuiging kom dat de vertegenwoordigende demokratie zo gek nog niet is. Denk me na.

Afwegen
In deze tijd van het jaar krijgt de gemeenteraad traditioneel een paar flinke brokken te verstouwen. Eerst de jaarrekening over het vorig jaar, dan het huishoudboekje van het vastgoedbedrijf (de ‘meerjarenprognose vastgoed’) en vervolgens de meerjarenbegroting van de gemeente, bij ons in Zwolle optimistisch de Perspectiefnota geheten. Dit jaar komen daar de bezuinigingen nog eens bij. De miljoenen vliegen je in zulke stukken om de oren, maar soms blijken die miljoenen opgebouwd uit talloze kleine bedragjes van niet meer dan een paar tienduizenden euri.

Achter al die bedragen zitten beleidsvoornemens, plannen en projecten die concrete gevolgen hebben voor mensen en dieren in de stad, voor instellingen en bedrijven in de stad, voor gebouwen en wegen in de stad, voor plantsoentjes en parken in de stad, voor bomen en beesten om de stad… je snapt het al: te veel om op te noemen eigenlijk. Ik draai nu zo’n zes jaar mee in de gemeentepolitiek en elk jaar weer ben ik onder de indruk van de hoeveelheid goede dingen die we als gemeente voor de stad en haar inwoners verrichten. Maar er blijven altijd nog wensen over, sommige plannen hoeven voor mij weer niet zo nodig en bij sommige voornemens denk ik: best goed dat er geld voor komt, maar ik zou het anders aanpakken. En bij de bezuinigingen net omgekeerd: een aantal voorstellen zijn best verantwoord, een aantal ben ik mordicus tegen en over weer andere kwesties valt te praten.

Nu probeer ik me bij wijze van gedachte-experiment voor te stellen dat we beginspraak plegen op zulke stukken uit de beleidscyclus. Als gemeenteraad trekken we er ongeveer een hele dag voor uit om het eens te worden over een – liefst een beetje consistente – selectie uit al die voornemens en plannen. Het is vaak een hele toer om minstens vier van de acht fracties in de raad achter een voorstel te krijgen. Want ik ben natuurlijk niet de enige die bepaalde ideeën heeft over wat wel en niet in gang moet worden gezet en wat wel en niet door moet gaan.

Het zal wel aan mijn gebrek aan fantasie liggen, maar ik krijg geen concrete beelden bij interactieve beleidsvorming in dit soort gevallen, anders dan iets wat wel omschreven wordt als poolse landdagen. Het mag best zo zijn dat via internet iedere Zwollenaar zijn zegje zou kunnen doen over de wenselijkheid van de uitgaven uit onze gezamenlijke kas, maar mij lijkt het in feite een wonder van efficiëntie om met zijn negenendertigen de begrotingen te bespreken. (Nou, meestal is het in de praktijk nog sterker: eigenlijk zijn alleen de acht fractievoorzitters echt aan het woord, wij van het voetvolk staan de onze met raad en daad bij en proberen steun te verwerven voor onze eigen deelplannetjes, maar het woord voeren, ho maar.)

Er is maar één begin
Voor beginspraak heeft dit gedachte-experiment desastreuze gevolgen. Want aan het begin staat nu eenmaal de toekenning van het geld. Alle inspraak, alle klankborden en alle interactieve beleidsvorming komen daarna pas aan de beurt.
Begin-spraak is dus vooral een goedbedoelde reclameslogan om mensen over te halen zo snel mogelijk mee te praten. Heel aardig en uitnodigend, maar het woord ‘begin’ zet mensen op het verkeerde been. Zeker, omdat de term beginspraak in Zwolle vooral wordt gebruikt bij ruimtelijke plannen. In die gevallen komt het gevaarlijk dicht in de buurt van volksverlakkerij. Bij ruimtelijke planvorming is de belanghebbende of alleen maar belangstellende burger per definitie nooit de eerste die aan zet is. Dat is zonder uitzondering de grondeigenaar, de ontwikkelaar, de initiatiefnemer. Die heeft al lang met de gemeente om tafel gezeten als de burger er weet van krijgt dat er iets in zijn directe leefomgeving staat te gebeuren.

Bovendien gaat er aan de beginspraak altijd nog een belangrijke stap vooraf: de gemeenteraad stelt de kaders van het plan vast. De raad bepaalt de grenzen waarbinnen de burgers moeten blijven als ze meedenken, meepraten en in sommige gevallen echt meetekenen. Logisch, want de raad vertegenwoordigt de belangen van alle inwoners van de stad, niet alleen die van de direct belanghebbenden en betrokkenen die om tafel zitten en voor hun eigen belang opkomen. Dat laatste is hun goed recht, en daarom is interactieve beleidsvorming ook een prima middel om mensen er goed bij te betrekken. Maar uiteindelijk moet er ook een afweging tussen verschillende en veelal tegengestelde belangen worden gemaakt. Dat laatste woord is aan de vertegenwoordigers van de hele stad. Eigenlijk best slim bedacht indertijd.

Verkiezingen zijn beginspraak
Maar hoe zit het dan met de kloof? Die kloof, beste mensen, die kloof is kletspraat. Kijk naar de laatste paar verkiezingen. Als iemand vindt dat hij niet goed wordt vertegenwoordigd door de bestaande partijen, dan richt hij er gewoon zelf een op om het land weer leefbaar te maken. En als iemand denkt dat de volkspartij voor vrijheid en democratie zich beter alleen op de vrijheid kan richten en niet op democratie en hij vindt dat die partij Henk en Ingrid niet goed meer vertegenwoordigt, dan stapt hij eruit, zoekt een knokploeg bij elkaar en bestormt het parlement – figuurlijk dan hè, want ze zitten (op een knokpartijtje in Nieuwspoort na althans) met zijn allen heel braaf in de kamerbankjes hun volksvertegenwoordigende rol te vervullen.

Populisten bewijzen de vitaliteit van de vertegenwoordigende demokratie. De burger kiest een stel vertegenwoordigers om niet zelf al die saaie stukken te hoeven bestuderen en als ze dat niet naar zijn zin doen, dan donderen ze maar op. Ten slotte bepaalt hij wie hem mag vertegenwoordigen. Dat staat echt aan het begin van de demokratische cyclus.

Als jullie het goed vinden, buig ik me nu namens een paar duizend Zwollenaren weer over onze perspectiefnota, de investeringsagenda en de bezuinigingsplannen. Bij de volgende ontmoeting (en uiterlijk bij de volgende verkiezingen) kom ik er wel achter of ik het naar hun tevredenheid doe.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: